Aftrekbaarheid hypotheekrente

Aftrekbaarheid hypotheekrente en wat is daarbij het gevolg van een echtscheiding?

Voorwaarde hypotheekrente aftrek
Hypotheekrenteaftrek is in Nederland een voordeel in de belasting voor bezitters van een eigen woning. Een belangrijke voorwaarde is, dat het moet gaan om de woning waarin u het hoofdverblijf heeft. Als u gaat scheiden en de minderverdienende partner (bijna altijd de vrouw) met het lagere inkomen vooralsnog in de woning blijft, dan zou de hypotheekrenteaftrek gedeeltelijk komen te vervallen. Door de scheiding wordt dan ineens de woning extra duur.

Twee jaar
De fiscus heeft het echter mogelijk gemaakt dat de hypotheekrente gedurende twee jaren na het verlaten van de woning aftrekbaar blijft. Dat is in gevallen waarbij dus de vrouw voorlopig in de woning blijft en de man er niet meer woont, maar wel alle kosten van de woning voor zijn rekening neemt. De belastingdienst financiert daarmee uw echtscheiding.

Waarom is dit voor mij relevant?
De belastingdienst maakt het door deze regeling voor u beiden mogelijk, om fiscaal vriendelijk de overgang te maken van gezamenlijk wonen naar gescheiden wonen.

Aftrek hypotheekrente
In de Wet op de inkomstenbelasting 2001 wordt geregeld dat betaalde rente over de hypotheek van de eigen woning kan worden afgetrokken van het belastbaar inkomen in de inkomstenbelasting in box 1. De regeling bestaat in gewijzigde vorm al sinds 1914. De aftrek is ten hoogste voor 30 jaar van kracht, een beperking die in 2001 werd aangebracht. Voor diegenen die reeds voor 1 januari 2001 hypotheekrente aftrokken, blijft echter de rente tot 1 januari 2031 aftrekbaar.

De hypotheekrenteaftrek is ingesteld om het eigen woningbezit te stimuleren, door de aanschaf van een koopwoning voor meer mensen mogelijk te maken. Tot 1 januari 2004 was de hypotheekrente onbeperkt aftrekbaar. Sinds die datum is de bijleenregeling van kracht, waardoor overwaarde die ontstaan is ten gevolge van verkoop van een huis, gebruikt moet worden voor de nieuwe hypotheek. De resulterende hypotheekaftrek is daarmee lager. Het eigenwoningforfait is komen te vervallen voor eigenwoningbezitters zonder hypotheekrenteaftrek.

Gescheiden wonen
Vanaf het moment dat de echtelieden afzonderlijk gaan wonen en de man niet meer woont in de echtelijke woning, is het partnerschap fiscaal gezien geëindigd. Vanaf dat moment vervalt de mogelijkheid om de hypotheekrente voor zijn eigenaars-gedeelte af te trekken. De woning en de hypotheekschuld voor die woning verschuiven naar de forfaitaire rendementsheffing van box 3.

Op basis van de overgangsbepaling van artikel 3.111 lid 4 Wet IB 2001 is het echter mogelijk dat de man nog twee jaar, te rekenen vanaf het moment dat de man de woning heeft verlaten, de rente fiscaal in aftrek kan brengen mits de ex-partner de woning blijft bewonen. Als je de wettekst letterlijk uitlegt, kan voor de man alleen een aftrek worden aangevraagd over het percentage dat hij eigenaar is. De mogelijkheid van toerekening van de hypotheekrente is namelijk gebonden aan het 'partner zijn'. Bij een gemeenschap van goederen geldt dus een percentage van 50%. In de praktijk lijkt de fiscus desondanks veelal 100% te accepteren. Het is raadzaam dit met de fiscus af te stemmen en bovendien al te doen een vroeg stadium van de scheidingsprocedure.